vrijdag 9 september 2011

Tumbleweed (3)


Mijn hoofd staat op barsten. Samen met het aanhoudende slechte weer en de te grote drukte op het werk maakt dat me behoorlijk chagrijnig. Je zou denken dat de jaarlijkse verkoudheid op zijn minst toch je timing zou respecteren.
Vanaf het moment dat ik om 19h de deur uit stap vraag ik me af of ik toch niet forfait zal geven maar op het laatste moment afzeggen is niet netjes en uiteindelijk voel ik me dan wel ellendig, echt ziek ben ik niet. Onderweg word ik door een vaste flitspaal die ik al lang weet staan, gefotografeerd. Het chagrijn wordt er niet beter op. Wanneer ik in de stad parkeerplaats zoek maak ik me al op voorhand boos op mezelf voor het nemen van de auto in plaats van de tram. Blijkbaar zit het me toch een beetje mee en vind ik een plaatsje niet eens zo ver van waar ik moet zijn. Ik ben zelfs een half uurtje te vroeg. Op zoek naar een café tussen de restaurants merk ik dat de deur van de Caroluskerk niet alleen open staat maar dat er zelfs een mis aan de gang is. Op zoek naar wat warmte zet ik me op een stoel van de laatste rij en probeer me te herinneren wat ik in Religie voor atheïsten las maar ik ben te moe en luister met gesloten ogen naar de preek die onder andere gaat over het nederig dragen van je miserie.
Op weg naar de boekhandel loop ik nog even voorbij mijn favoriete juwelier. Favoriet in die zin dat ik er ooit van mijn leven eens iets voor mezelf wil kopen. In de etalage merk ik dat de prijzen weer de hoogte in gegaan zijn maar ook dat er een 'betaalbare' zilvercollectie bijgekomen is. Mijn oog valt op een schitterend exemplaar maar de prijs doet mijn mening van leuk naar leuk-maar-onbereikbaar verschuiven. Ondanks dat ik vijf minuten te vroeg ben, arriveer ik als op één na laatste. Ik moet twee keer kijken voor ik mijn ogen geloof want de dame schuin voor me draagt de ring die ik net nog in het winkelraam stond te bewonderen.
Ik hoop dat ik de boekbespreking volhoud want de banaan die ik als dessert at is me niet echt goed bevallen. En half uur later merk ik dat mijn hoofd vol watten me tegenwerkt. Ik heb een uitgesproken andere mening over de beweegredenen van de hoofdpersonages maar iets weerhoudt me het op tafel te gooien. Niet alleen krijg ik het niet verwoord, mijn eerste poging brengt me niet verder dan de loze woorden 'traag' en 'saai', ook ben ik bang dat ik te veel van mijn eigen demonen zou prijsgeven.
Op de terugweg probeer ik de vriendin die ik naar huis voer uit te leggen waarom ik een blog bijhoud. De te veel woorden en te veel omwegen die ik gebruik om het haar duidelijk te maken komen eigenlijk gewoon neer op de eenvoudige verklaring dat schrijven pure therapie voor me is. Ik leer mijn gedachten effectief te formuleren en ik kan er dingen kwijt zonder me te moeten verantwoorden of in vraag gesteld te worden. De occasionele comment die je krijgt geeft je de illusie dat er misschien iemand luistert, meer motivatie heb je niet nodig om door te gaan.
Het is na elven wanneer ik thuis kom. Ik twijfel even of ik eerst nog een warm bad neem maar kruip dan toch maar tussen de lakens die verdacht koud aanvoelen. Koorts kan er ook nog wel bij.

1 reacties:

pascal digital zei

Welk boek was het?