Twee kranten leggen we op de toonbank om af te rekenen. 'Dan maken we geen ruzie', antwoordt M wanneer de verkoper '2?' vraagt. 'Hoort u dat, Meneer X,' de verkoper draait zich naar een oudere klant naast me,'zo doen ze dat tegenwoordig. Elk een eigen krant.' Meneer X verklaart glimlachend dat hij denkt dat het beter is dat hij daar geen commentaar op geeft. 'Gelukkig lezen ze allebei nog een andere krant.', gaat de verkoper verder. Ik leg hem uit dat we tijdens het lezen ook af en toe wisselen. 'Ik zeg niets,' komt Meneer X er nog even tussen, ' Alleen maar dat Ce que femme veut dieu le veut.' Terwijl ik naar Meneer X wijs kijk ik M lachend aan. Als hij verder gaat met 'Maar dat zal mijn slecht karakter zijn die dat ingeeft.',hou ik het niet meer en verklaar ik lachend: 'Ik vind dat nog zo slecht niet, hoor.'
Later die dag zullen we de boeken/krantenverkoper nog net niet tegen het lijf lopen bij het draaien om de hoek van de Sint-Amandsstraat. Ook hij heeft zijn arm rond de schouders van een vrouw en herkent ons lachend.
Geen opmerkingen:
Een reactie plaatsen